B.C. Broekhin - Economie (EC)

header-foto5

Algemeen
Economie is een nieuw vak in klas 2. Het is een leuk en verfrissend vak, waar je heel veel aan hebt. Dat komt, omdat je in je dagelijkse leven heel veel met economie te maken hebt. Er gaat geen dag voorbij of je bent, wellicht zonder er bij na te denken, met economie in aanraking gekomen.

Het gaat bij economie over iets kopen, ruilen of lenen. Ook gaat het over het zakgeld dat je krijgt of het loon dat je verdient. We hebben het ook over winkels en markten. We praten over het maken van allerlei dingen, maar ook over banken, sparen en de euro. Je ziet het al. We hebben tal van interessante onderwerpen. Vele zaken komen je echt wel bekend voor.

Economie is dan ook voor al onze tweedejaars leerlingen een verplicht vak.

In de onderbouw maak je voor het eerst kennis met economie. We zullen die kennismaking doen met de methode Economisch Bekeken.

In klas 3 kun je verder gaan met economie. Maar dat gaat niet vanzelf. Je zult economie dan wel zelf moeten kiezen als je dat nog verder wilt volgen.
Hoe zit dat nou met economie in klas 3?

Kies je voor de sector economie:
• Economie is dan verplicht.
• Kies je een andere sector dan economie
• Economie is dan een keuzevak.

In de derde klas bouwen we verder op de kennismaking van klas 2. In het eerste gedeelte ben jij de klant en gaan we met jou winkels, geldzaken, verzekeringen, e.d. bekijken.
Ook gaan we het wonen bestuderen met alles wat daar bij hoort. We gaan vervolgens de bedrijven bezien met hun streven naar winst. Natuurlijk vergeten we de werknemers niet, ook als ze geen werk meer hebben.

Leerjaar 4. De methode Economisch Bekeken.
We gaan in klas 4 verder met die leerlingen die economie hebben gekozen.

Het rijk, de provincie, de gemeente en het waterschap met hun bevoegdheden en regels komen aan de orde. We gaan na hoe de overheden hun geld binnen krijgen (o.a. allerlei belastingen) en waaraan zij dat geld weer uitgeven. We bekijken ook uitvoerig het milieu in relatie met de economische activiteiten. Daarna richten we ons op de ontwikkelingslanden. We kijken wat we voor hen willen en kunnen doen in de rijke EU. Gaan we met hen handel drijven, laten we hen voor ons producten maken of...?
Helpen we met zachte leningen?
We zullen bekijken hoe het nu verder moet met de armste landen op de wereld.



fotorechts-31.jpg